contact us

Use the form on the right to contact us.

You can edit the text in this area, and change where the contact form on the right submits to, by entering edit mode using the modes on the bottom right.

34 Oostelijke Handelskade
Amsterdam, NH, 1019 BM

+31 (0)20 2629913

Beautiful Distress was founded on the concept that there is a great deal of mental suffering, that not enough people are aware of this and that not enough is done to stop it.

The Foundation uses art in an attempt to open up the world of psychiatry and battle the stigma attached to it.

Why art? Beautiful Distress believes that art is pre-eminently capable of articulating and depicting the human condition

archief

 

 

Hoe waanzinnig is een kunstenaar?

Sjifra Herschberg

Waanzin of gekte is misschien wel het laatste grote taboe

De angst om gek te worden en jezelf volledig te verliezen is een van de grootste angsten die mensen kennen. Waanzin of gekte is misschien wel het laatste grote taboe. Dat is vreemd als je je realiseert dat zeker een op de vier mensen te maken krijgt met psychiatrische problemen, met alle gevolgen daarvan voor de persoon, of zijn of haar omgeving (cijfers Trimbos Instituut). Maar dit leidt niet tot het begrip of de solidariteit die we kennen bij ziektes als kanker of aids. Psychiatrische patiënten worden vaak gemarginaliseerd en uitgestoten.

Dat staat haaks op de bewondering die wij koesteren voor kunstenaars. En op het eerste gezicht hebben die twee ook weinig met elkaar te maken, maar is dat ook zo? Kunst is namelijk ook bij uitstek in staat om de menselijke conditie te verbeelden of te verwoorden. En de scheidslijn tussen geniale creativiteit en waanzin is minder scherp dan het lijkt en daarbij denken we niet aan het oor van Van Gogh. Als je er vanuit gaat dat kunst en gekte dichter naast elkaar liggen dan je denkt, dan lijkt het zinvol om juist kunst in te zetten om de psychiatrie te emanciperen en het stigma te bestrijden. Dat is ook precies het uitgangspunt van de in 2014 opgerichte Stichting Beautiful Distress.

Rebecca Chamberlain

Rebecca Chamberlain

Maar laten we eerst eens nader kijken naar de relatie tussen waanzin en kunst. Sinds Freud zijn studie schreef over Michelangelo’s Mozes hebben psychoanalytici, klinische psychologen, psychiaters en neurowetenschappers geprobeerd het fenomeen creativiteit te verklaren. Filosofen hielden zich al veel langer bezig met de vraag hoe een kunstenaar tot scheppen komt. Zij stelden ook de vraag waarom ‘goddelijke inspiratie’ aan ‘waanzin’ grenst. Een belangrijk idee uit de oudheid was dat zowel creativiteit als melancholie voortkomen uit een verstoorde balans van de lichaamssappen. Een opvatting die ontstond vanuit de romantiek was dat kunstenaars en gekken bevrijde mensen waren en dus in zekere zin benijdenswaardig.

Het is interessant te bekijken hoe creatieve processen verlopen en waarom ze voor de een een lust zijn en voor de ander een last. Wat hebben kunst en waanzin (of psychiatrie) met elkaar te maken? En wat kunnen we met dat verband? We kijken eerst naar het creatieve proces.

De meeste kennis over het verloop van creatieve processen is gestoeld op psychoanalytische theorieën en worden nu aangevuld vanuit de cognitieve psychologie en de biologische psychiatrie. Vooral het adrenerge systeem wordt in verband gebracht met creatieve activiteit. Ook levert onderzoek informatie op over noodzakelijke kenvermogens en karaktereigenschappen. Wellicht blijkt hieruit dat er een kernproces is dat creativiteit aanstuurt en lukt het greep te krijgen op het samenspel van het onbewuste, het voor-bewuste en van primaire en secundaire processen, van emoties, kernvermogens en gedrag. Dat het complex is staat wel vast.

Bij de aanvang van het creatieve proces ontstaat er een fusie tussen externe en interne prikkels, tegenstrijdige gedachten en emoties fuseren in het onderbewuste. Deze fase speelt zich dus buiten het gezichtsveld van de kunstenaar af. Ideeën beginnen zich te vormen over wat het werk moet zeggen en hoe dit te bereiken. Hier wordt bepaald hoe het werk zich verhoudt tot het eigen oeuvre, de kunsthistorie, de dagelijkse realiteit en de eigen persoon. Ratio, secundaire en (voor)bewuste processen beginnen een belangrijker rol te spelen. Uiteindelijk wordt getoetst hoe haalbaar en uitvoerbaar het idee is. Belangrijk voor dit proces is dat de orginele ideeën kunnen rijpen en dat er ruimte ontstaat om te experimenteren. Het is noodzakelijk dat er soepel heen en weer bewogen wordt tussen onbewuste en bewuste, tussen primaire en secondaire psychologische processen. Gevoel, esthetiek, kennis, passie en intellect worden allemaal ingezet. Ook het hele spectrum aan afweermechanismen wordt gebruikt, primitieve en rijpe afweermechanismen worden afwisselend of tegelijk benut, spitsen, projectie, verdringen, sublimatie, humor, anticiperen en alles ertussen. De mate van creativiteit is de flexibiliteit waarmee dit gebeurt, soms tegelijk, soms los van elkaar, maar altijd in samenhang. In het creatieve proces gaan uitesrt primitieve (psychotische) en rijpere (neurotische) afweermechanismen tegelijk op.

Vaak wordt gezegd dat kunst een uiterste vorm van sublimatie is. Alleen heeft het gesublimeerde lang niet altijd direct te maken met het onderwerp van het kunstwerk, het kan een sublimering zijn van eigen ervaringen, maar ook van maatschappelijke opvattingen of dagelijkse observaties. Dat maakt het werk minder persoonlijk dan vaak wordt aangenomen.

Guy Richards Smith

Guy Richards Smith

Zoals we gezien hebben betekent creëren dus dat vele ingewikkelde mentale processen elkaar afwisselen en simultaan verlopen. Om die processen te sturen moet er als het ware een observerend oog zijn wat boven alles staat. We kunnen dit naar Shapiro de interne supervisor noemen.

Plato schreef al over de karakterstructuur van hen die geniaal of creatief waren. Getalenteerden  balanceerden altijd op de rand van waanzin.

Psychiaters schreven heel veel later over de psychopathologische of de neurotische structuur van de kunstenaars en vonden hiervoor een gretig oor (Wittkower).  Uit onderzoek blijkt dat creatieve mensen zich inderdaad onderscheiden van anderen.  Noodzakelijke karaktereigenschappen zijn: de drang om te scheppen, motivatie om ondanks tegenslagen of niet onmiddellijke erkenning door te gaan, zich buiten de door de norm gestelde grenzen durven te bewegen, en zich kunnen laten leiden door gevoelens en intenties.

Waarom bij sommigen individuen (oude) psychologische conflicten ten gunste komen van het talent en bij andere tot psychische symptomatologie leidt is vooralsnog onduidelijk. Het vermogen om betekenisvolle interpersoonlijke relaties aan te gaan, speelt hierbij mogelijk ook een belangrijke rol.

Kunst en samenleving

De mens die psychiatrisch ziek wordt en handelt vanuit het onbewuste is bevrijd van de beperkingen die ons brein en de maatschappij ons opleggen.  De kunstenaar en de psychiatrische patiënt kunnen zich ontdoen van het maatschappelijke keurslijf. Althans, zo dacht men in de 19e eeuw en een eeuw later in de hoogtijdagen van de antipsychiatrie. Een naïeve en romantische gedachte want creativiteit noch ziekte staan op zichzelf. (A Boden).  Kunst zegt telkens opnieuw iets over de menselijke conditie, en is in die zin steeds gebonden aan de tijd, de cultuur en de mode waarin ze wordt gemaakt.

Kunst gaat altijd over communicatie stellen kunstenaars die goed kunnen spreken of schrijven over wat en waarom hun werk er uit ziet zoals het eruit ziet. (Bacon, Richter, Matisse e.a)

Moderne kunst bestaat evenmin als moderne gekte. Misschien ligt de kracht van kunst er in om gebeurtenissen uit hun dagelijkse of zelfs historische context te halen. Door de- en reconstructie kan er een andere betekenis aan worden toegekend en verwerking op gang komen. (Vaak gaat het om kwetsbaarheid.)

Kunst en psychopathologie

Hoe gek is de kunstenaar nu werkelijk? Op het eerste gezicht  zijn er enige overeenkomsten in zaken die psychiaters psychopathologisch noemen en anderen creativiteit :

  •  Er is een moment waarop het individu in een verhoogde staat van ideeën en activiteit verkeerd (hypomanie)
  • erhoogde gevoeligheid voor melancholisch gevoelens (depressie)
  • Deconstructie van en reconstructie van de waargenomen realiteit (dissociatie en/of psychose)
  • De noodzaak van het overschrijden van grenzen, impulsiviteit en niet terugdeinzen voor experiment (borderline stoornissen)
  • Preoccupatie met  het zelf/ werk en ambities. (narcistische stoornissen)

Statistieken en onderzoek leveren ons betrekkelijk weinig betrouwbare cijfers op. Mogelijk zijn creatieve mensen kwetsbaarder voor stemmingsstoornissen omdat ze sensitiever zijn in het waarnemen van de wereld om ons heen. Wel laten onderzoeken zien dat er vaker psychotische aandoeningen in de eerste en tweede familielijn  voorkomen dan onder de algemene bevolking.  

Van belang is dat er ook duidelijke verschillen bestaan tussen psychopathologie en creativiteit.

 Creativiteit vraagt om goede regulatie van lastige emoties.

  • Er moet met een zekere lenigheid door onrijpe en rijpe afweermechanismen heen bewogen kunnen worden.
  • In het creatieve proces wordt er in- en uitgezoomd  op werk en eigen functioneren (reflectie).
  • Kunst bestaat door de mogelijkheden die ze heeft te communiceren. Het is geen autistische zaak van de kunstenaar.
  • En als laatste is het belangrijk dat persoonlijke thema’s universeel menselijke thema’s worden, het persoonlijk leven van de kunstenaar is uiteindelijk betrekkelijk oninteressant

In kunst worden veel persoonlijke aspecten gelegd, en vele kunstenaars zeggen te zijn gered door hun beroep. De grens tussen wat psychologisch nog acceptabel is, en waar psychopathologie is moeilijk te trekken, maar toch zijn wij van mening dat er een aanwijsbare grens bestaat waar sensitiviteit eindigt en ziekte begint.

Uit onderzoek naar specifieke karaktereigenschappen bij creatieve mensen blijkt dat er een grotere gevoeligheid bestaat voor de prikkels die ze waarnemen. Dit geldt voor zowel voor het observeren van de externe als hun interne wereld. Dit is waarschijnlijk de bron van het idee dat kunstenaars vaker aan stemmingstoornissen lijden.

Mogelijk leidt deze eigenschap tot meer fluctuatie; hogere bergen en diepere dalen. Maar om een grotere sensitiviteit aan psychopathologie te koppelen lijkt niet alleen onbenullig maar zelfs riskant.  

Wat men zich kan afvragen is hoeveel onze kennis over psychopathologie en kunst werkelijk zijn toegenomen. Was in de oudheid een verstoring in de lichaamssappen de oorzaak van de melancholie, vandaag zijn verstoringen in G.A.B.A. Serotonerge, Dopaminerge en Noradrenerge systemen verantwoordelijk.

We hopen te hebben aangetoond dat een koppeling tussen waanzin en kunst niet zo vreemd is.  Deze koppeling is echter eenzijdig. Het is van daaruit dat het idee ontstond van een omdraaiing: laten we kijken of we kunst en kunstenaars kunnen inzetten om de waanzin te verbeelden met het doel tot een beter begrip en ook acceptatie te komen van waanzin. We vragen kunstenaars van naam om vertalingen te maken van de wereld van de psychiatrie. Niet vrijblijvend vanuit hun atelier of werkplaats, maar door middel van directe betrokkenheid en deelname, bijvoorbeeld in de vorm van artists-in-residence programma’s in psychiatrische ziekenhuizen, zoals dat nu op initiatief van Beautiful Distress gebeurt in het Kings County Hospital Center in Brooklyn, New York en al sinds 1998 in het Vijfde Seizoen, het kunstenaarverblijf in de Willem Arntsz Hoeve/Altrecht in Den Dolder. Ook door middel van lezingen en tentoonstellingen over onder andere het werk van de artists-in-residence willen we de verhalen van de psychiatrie vertellen op een manier die toegankelijk is voor een breder publiek dat niet dagelijks met waanzin en psychiatrie in aanraking komt. Het gaat daarbij niet om individuele projecten van Beautiful Distress of deze of gene kunstenaar, maar het is de uitdrukkelijke bedoeling om deze kunstuitingen uit te laten groeien tot een permanente aanwezigheid in het bewustzijn met hopelijk een beter begrip voor waanzin als resultaat.

Wilco Tuinebreier, psychiater
Sjifra Herschberg, publiciste

Dit artikel verscheen eerder in gewijzigde vorm in Simulacrum, Tijdschrift voor Kunst en Cultuur, jaargang 23 # 2.